BESLUITENLIJST VAN
DE GEMEENTERAAD

Gemeente Kraainem

Zitting van 27 september 2022

 

 

Aanwezig:

Voorzitter:  Luc Timmermans

Algemeen directeur:  Joëlle Eggermont

Burgemeester:  Bertrand Waucquez

Schepenen:  Elisabeth d'Ursel, Marie-France Constant, Véronique Caprasse

Raadsleden:  Guillaume von Wintersdorff, Olivier Joris, Bruno Vandersteen, Carel Edwards, Françoise Devleeschouwer, Pierre Simon, Alain Van Herck, André Ivanszky, Vinciane De Meutter-Cardinael, Nathalie Woitrin, Anja Vermeulen, Christiaan Marichal, Sarra Crucifix - Kekli, Bruno Schroeven, Carine Pin

Verontschuldigd:

Schepenen:  Anne-Charlotte Sala, Johan Forton

Raadslid:  Isabelle Fouarge

 

 

Overzicht punten

Goedkeuring notulen 30 augustus 2022

 

Besluit

 

Enig artikel:

De gemeenteraad keurt de notulen van de vergadering van 30 augustus 2022 goed.

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Opvolgingsrapportering 1° semester 2022

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Kerkfabriek Sint-Dominicus - AMJP 2022

 

Besluit

 

Enig artikel:

De gemeenteraad keurt de meerjarenplanwijziging 2020-2025 van de kerkfabriek Sint-Dominicus , als bijlage vervat bij deze beslissing en er integraal deel van uitmakend, goed.

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Aanwerving Werfleider (c) - Afwijking diploma

 

Besluit

 

Artikel 1:

De gemeenteraad beslist dat er kan afgeweken worden van de diplomavoorwaarden volgens de bepalingen vermeld in de rechtspositieregeling van het gemeente- en OCMW personeel voor de aanwerving van de functie deskundige wegen/werfleider B4-B5

 

Artikel 2:

De gemeenteraad beslist om aangewezen te kunnen worden als werfleider B4-B5 in het gemeentebestuur van Kraainem, er voldaan moet worden aan elk van de volgende voorwaarden:

        Minstens houder zijn van een diploma hoger secundair onderwijs én beschikken over een relevante aantoonbare beroepservaring.

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Aanpassing HHR - Digitale & Hybride vergaderingen

 

Besluit

 

Artikel 1:

De gemeenteraad beslist om volgende wijzigingen aan te brengen in het huishoudelijk reglement:

         In artikel 6 bis wordt paragraaf 5 toegevoegd dat de uitzonderlijke gevallen waarin digitaal of hybride vergaderd kan worden vastlegt:

 

  §5. Onder uitzonderlijke omstandigheden die kunnen toelaten om digitaal of hybride                                                         te vergaderen wordt verstaan:

         In geval van een algemeen gezondheids- en of veiligheidscrisis (bijvoorbeeld pandemieën, terreurdreiging, …)

         Door een onvoorziene gebeurtenis waardoor de raad niet kan bijeenkomen op de voorziene locatie (bijvoorbeeld extreme weersomstandigheden, overstroming, betoging, raadszaal die onverwacht fysiek niet toegankelijk is, …);

         Als een dringende noodzakelijke of spoedeisende beslissing van de raad nodig is die niet kan wachten tot agendering op de eerstvolgende geplande raad of vergadering en het redelijk aanneembaar is dat er anders geen aanwezigheidsquorum kan worden gehaald. Dit wordt gekoppeld aan een voorafgaande instemming van een  meerderheid van de raadsleden.

 

Artikel 2:

Een gecoördineerde versie van het huishoudelijk reglement wordt bij deze beslissing gevoegd en maakt er integraal deel van uit.

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Overgangsbepaling ontwikkelingssamenwerking

 

Besluit

 

Artikel 1:

De gemeenteraad beslist om de volgende wijzigingen aan te brengen in het reglement voor de erkenning en subsidiëring van ontwikkelingssamenwerking en humanitaire hulp vastgelegd door de gemeenteraad van 29 juni 2022:

         Een nieuw artikel 38 wordt toegevoegd: "Het artikel 1 §2 lid 3 omtrent ontwikkelingssamenwerking en noodhulp van het reglement gemeentelijke subsidies vastgelegd door de gemeenteraad van 28 februari 2012 wordt opgeheven."

         Het huidige artikel 38 wordt het nieuwe artikel 39.

 

Artikel 2

Een gecoördineerde versie van het reglement voor de erkenning en subsidiëring van ontwikkelingssamenwerking en humanitaire hulp wordt bij deze beslissing gevoegd en maakt er integraal deel van uit.

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Milieu - Politieverordening - huishoudelijk afval

 

Besluit

 

Enig artikel:

De gemeenteraad beslist om het politiereglement van 26 mei 2020 houdende het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen op te heffen en te vervangen door het volgende:

 

Hoofdstuk I ALGEMENE BEPALINGEN

 

Afdeling 1 – DEFINITIES EN TOEPASSINGSGEBIED

 

Artikel 1:

Voor de toepassing van deze verordening wordt onder huishoudelijke afvalstoffen verstaan: afvalstoffen die ontstaan door de normale werking van een particuliere huishouding en afvalstoffen die daarmee gelijkgesteld worden, zoals gedefinieerd in de bijlage 2.1. van het VLAREMA.

Interza cvba met maatschappelijke zetel Hoogstraat 185 te 1930 Zaventem is de bevoegde instantie voor het inzamelen, vervoeren en verwerken of laten verwerken van huishoudelijke afvalstoffen op het grondgebied van de gemeente Kraainem, hierna genoemd "de intercommunale" of "Interza".

 

Artikel 2:

§ 1 De volgende afvalstoffen mogen niet worden aangeboden bij om het even welke selectieve inzameling (exclusief het recyclagepark):

         gashouders en/of andere ontplofbare voorwerpen,

         krengen van dieren en slachtafval,

         bedrijfsafvalstoffen,

         autobanden, autowrakken of andere auto-onderdelen,

         geneesmiddelen of ander medisch afval,

         grond,

         wortelstronken en boomstronken met een diameter groter dan 15 cm.

 

§ 2 Het is verboden afvalstoffen, afkomstig uit andere gemeenten ter inzameling aan te bieden. Evenzo is het de inwoners verboden huishoudelijke afvalstoffen aan te bieden in een andere gemeente.

 

Artikel 3:

§ 1 Behoudens schriftelijke toelating van de intercommunale is het voor iedereen verboden om het even welke aangeboden afvalstof mee te nemen. Alleen de ophalers, daartoe aangewezen door de intercommunale, zijn gerechtigd om afvalstoffen in te zamelen.

 

§ 2 De huis-aan-huisophaling gebeurt voor:

         iedere persoon die alleen leeft,

         iedere leefgemeenschap van twee of meer personen die, al of niet door verwantschap met elkaar verbonden, gewoonlijk in één en dezelfde woning verblijven en er samenwonen,

         de instellingen voor diensten van openbaar nut zoals bijvoorbeeld rusthuizen, OCMW’s, scholen, gemeentehuizen, feestzalen, sportzalen, zwembaden,

         iedere jeugd-, sport- of culturele vereniging.

 

Afdeling 2 – VERBRANDEN EN SLUIKSTORTEN VAN AFVALSTOFFEN

 

Artikel 4:

Onverminderd de toepassing van artikel 6.11.1 van VLAREM II is het verboden om het even welke afvalstoffen te verbranden, zowel in openlucht als in gebouwen.

 

Artikel 5:

§ 1 Onverminderd de toepassing van andere wettelijke bepalingen is het verboden om het even welke afvalstof te sluikstorten. Onder sluikstorten wordt verstaan: het achterlaten, opslaan of storten van afvalstoffen op niet-reglementaire plaatsen, op niet-reglementaire tijdstippen of in niet-reglementaire recipiënten.

 

§ 2 Wanneer afvalstoffen worden achtergelaten op een wijze of op een plaats in strijd met deze verordening of met andere wettelijke bepalingen kan de burgemeester jegens de overtreder de onmiddellijke verwijdering van de in artikel 5, § 1 bedoelde afvalstoffen bevelen. Dit bevel wordt per aangetekend schrijven aan de overtreder overgemaakt. De overtreder beschikt over een termijn van maximum één week, te rekenen vanaf de ontvangst van het bevel van de burgemeester. Indien de overtreder weigert de afvalstoffen binnen de door de burgemeester vastgestelde termijn te verwijderen, is de gemeente gemachtigd ambtshalve en op kosten van de overtreder, de betrokken afvalstoffen op te ruimen of te laten opruimen.

 

§ 3 Indien geen overtreder kan aangeduid worden, kan de burgemeester jegens de eigenaar van het perceel waarop afvalstoffen werden achtergelaten in strijd met deze verordening of met andere wettelijke bepalingen, de onmiddellijke verwijdering van de in artikel 5, § 1 bedoelde afvalstoffen bevelen. Dit bevel wordt per aangetekend schrijven aan de eigenaar overgemaakt. De eigenaar beschikt over een termijn van maximum één week, te rekenen vanaf de ontvangst van het bevel van de burgemeester. Indien de eigenaar weigert de afvalstoffen binnen de door de burgemeester vastgestelde termijn te verwijderen, is de gemeente gemachtigd ambtshalve en op kosten van de eigenaar, de betrokken afvalstoffen op te ruimen of te laten opruimen.

 

§ 4 Indien alsnog een overtreder wordt vastgesteld, kan de in artikel 5, § 3 bedoelde eigenaar de kosten van de verwijdering van de in artikel 5, § 1 bedoelde afvalstoffen verhalen op de overtreder.

 

§ 5 Ongeacht artikel 5, § 2 en 3 is de gemeente gemachtigd ambtshalve en op kosten van de overtreder, de betrokken afvalstoffen op te ruimen of te laten opruimen, wanneer de afvalstoffen worden achtergelaten op een wijze of een plaats in strijd met deze politieverordening of met andere wettelijke bepalingen.

 

§ 6 Naar aanleiding van een ambtshalve verwijdering, overeenkomstig artikel 5, § 2, § 3 en § 5, kan de burgemeester gemeentelijke ambtenaren en personeelsleden van het intergemeentelijke samenwerkingsverband Interza cvba aangeduid door de gemeenteraad als GAS-vaststeller de opdracht geven het afval grondig te onderzoeken teneinde de identiteit van de overtreder te achterhalen.

 

§ 7 Het is verboden slijk, zand, kiezels of afval dat zich voor of nabij de woning bevindt op de straten, in de greppels of in de rioolputten te vegen. Het is tevens verboden via de rioolputten of op enige andere wijze om het even welke afvalstoffen in de riolering te deponeren.

 

§ 8 Met het oog op thuiscomposteren is het toegestaan op eigen privé-terrein een stapelplaats aan te leggen voor het composteren van eigen groente-, fruit- en tuinafval, mits deze stapelplaats geen hinder teweegbrengt voor de buurtbewoners.

 

Afdeling 3 – AANBIEDING VAN AFVALSTOFFEN

 

Artikel 6:

§ 1 De huishoudelijke afvalstoffen dienen aangeboden te worden zoals voorzien in deze verordening. Afvalstoffen die worden aangeboden op een wijze die niet voldoet aan de voorwaarden van deze verordening worden niet aanvaard. De aanbieder dient dezelfde dag nog de niet-aanvaarde afvalstoffen terug te nemen.

 

§ 2 Het toezicht op de aanbieding van afvalstoffen wordt uitgevoerd door de ophalers die door de intercommunale aangesteld werden om afvalstoffen in te zamelen en door de parkwachter in geval van inzameling via het recyclagepark. Deze ophalers en de parkwachter mogen de aanbieders wijzen op de foutieve aanbieding en de nodige richtlijnen verstrekken.

 

§ 3 Bij herhaaldelijke en langdurige overtreding van de sorteerrichtlijnen geldend voor de selectieve inzameling, en na minimum twee schriftelijke aanmaningen met een minimale tussentijd van twee maanden, kan de intercommunale de selectieve inzameling van één of meerdere fracties op desbetreffend ophaalpunt gedurende een vast te stellen termijn schorsen. Deze schorsing wordt per aangetekend schrijven, met kopie aan de gemeente, gemeld aan het gezinshoofd of de verantwoordelijke beheerder van het ophaalpunt. Inwoners zijn dan voor de gescheiden inzameling uitsluitend aangewezen op het recyclagepark.

 

§ 4 Onverminderd de bepalingen van dit artikel wordt het toezicht en de bestuurlijke handhaving uitgeoefend, de veiligheidsmaatregelen genomen, het onderzoek, de vaststelling en de bestraffing van de milieu-inbreuken en milieumisdrijven uitgevoerd volgens de bepalingen van artikelen 68 en 69 van het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (het Materialendecreet).

 

Artikel 7:

§ 1 De afvalstoffen mogen slechts na 19 uur van de dag voorafgaand aan de dag waarop de ophaling zal plaatsvinden buitengeplaatst worden.

 

§ 2 De huishoudelijke afvalstoffen dienen middels de voorgeschreven recipiënt of wijze aangeboden te worden aan de rand van de openbare weg en vóór het betrokken perceel waar de aanbieder gevestigd is, zonder evenwel het verkeer van voertuigen, fietsers en voetgangers te hinderen. De aanbieder die afgelegen van de openbare weg of langs wegen, plaatsen of stegen gevestigd is die niet door de wagens van de ophaaldienst bereikbaar zijn, of in geval er openbare werken aan de gang zijn die de normale doorgang van de ophaaldiensten verhinderen dienen de voorgeschreven recipiënten te plaatsen op de dichtst bij zijn perceel grenzende openbare weg die wel toegankelijk is.

 

§ 3 De inwoners die de recipiënt buitenzetten zijn verantwoordelijk voor het eventueel uitspreiden van de inhoud ervan en staan zelf in voor het opruimen.

 

§ 4 Het is verboden de langs de openbare weg staande recipiënten te openen, geheel of gedeeltelijk te ledigen en/of te doorzoeken, met uitzondering van het bevoegde personeel in de uitoefening van hun functie.

 

§ 5 De intercommunale organiseert, onder de voorwaarden door haar bepaald, bijkomende ophalingen op afroep van groot restafval, snoeihout, grof vuil, asbestplaten.

 

Afdeling 4 – AFVAL OP STANDPLAATSEN

 

Artikel 8:

De uitbater van een private vaste of verplaatsbare inrichting aan of langs de openbare plaats die voedingswaren of dranken verkoopt of aanbiedt die buiten de inrichting worden of kunnen worden verbruikt (drankautomaat, snackbar, frituur, ijssalon, broodjeszaak en dergelijke), dient het nodige te doen opdat de klanten de openbare plaats rond hun handel niet vervuilen. Zij moeten minstens voldoende afvalrecipiënten plaatsen, die duidelijk zichtbaar en goed bereikbaar zijn.

 

Artikel 9:

De diverse vrijkomende fracties zoals de gemengde fractie van het vergelijkbaar bedrijfsafval, plasticverpakkingen, metalen verpakkingen en drankkartons, e.d. dienen gescheiden te worden ingezameld in hun respectievelijke recipiënten. Deze recipiënten dienen voorzien te zijn van een duidelijk leesbaar opschrift dat aangeeft welke fractie het betreft.

 

Artikel 10:

De opstellingsplaats en het aantal inzamelrecipiënten, alsook de aard van de in te zamelen fracties kunnen door het gemeentebestuur worden bepaald.

 

Artikel 11:

De ambulante uitbater dient zijn recipiënten zelf tijdig te ledigen en het zwerfvuil dat afkomstig is van hun handel opruimen en de onmiddellijke nabijheid van hun handel schoonmaken of andere preventieve maatregelen nemen die de verspreiding van afval in de openbare plaats voorkomen.

Zij moeten er voor instaan dat in de onmiddellijke omgeving van hun voertuig, kraam of inrichting, alle papier of om het even welk voorwerp dat door hun klanten op de grond wordt gegooid, wordt weggenomen.

 

Afdeling 5 – AFVAL VAN HUISDIEREN

 

Artikel 12:

De begeleiders van honden zijn verplicht:

         te beletten dat hun hond de parken en plantsoenen, de speelpleinen (indien toegelaten), de recreatiecentra, andere voor publiek toegankelijke plaatsen, alsmede de voet- en de fietspaden, de rijwegen, de wandelpaden en de bermen bevuilt;

         in het bezit te zijn van voldoende zakjes voor het opruimen van de hondenpoep;

         op de hiervoor vermelde plaatsen, de uitwerpselen van hun hond onmiddellijk te verwijderen;

         de hond gebruik te laten maken van de aanwezige hondentoiletten.

 

Afdeling 6 – AFVAL OP EVENEMENTEN

 

Artikel 13:

Indien op het grondgebied van de gemeente een evenement plaatsvindt, dienen de organisatoren ervan in samenspraak met de gemeente en de intercommunale de nodige acties te ondernemen om afval te voorkomen en afval selectief in te zamelen.

 

Afdeling 7 – RECLAMEDRUKWERK EN GRATIS REGIONALE PERS

 

Artikel 14:

§ 1 Het is verboden reclamedrukwerk en gratis regionale pers te verdelen voor 8 uur en na 20 uur. Het is verboden reclamedrukwerk en gratis regionale pers te bedelen in leegstaande panden of ze achter te laten op andere plaatsen dan in de brievenbus, ook in appartementsgebouwen.  

 

§ 2 Het is verboden reclamedrukwerk en/of gratis regionale pers te bedelen in de brievenbussen die aangeven dit niet te wensen.

 

§ 3 Klachten met betrekking tot de niet-naleving van artikel 14, § 1 en § 2 kunnen gemeld worden bij de milieudienst van de gemeente, bij de intercommunale of bij de OVAM.

 

Hoofdstuk II - INZAMELING VAN HUISVUIL

 

Afdeling 1 – DEFINITIE

 

Artikel 15:

Voor de toepassing van deze verordening wordt onder huisvuil verstaan: alle afvalstoffen, ontstaan door de normale werking van een particuliere huishouding, die in de voorgeschreven recipiënt voor de ophaling of inzameling van het huisvuil kunnen geborgen worden, met uitzondering van papier en karton, textiel, glas, klein gevaarlijk afval, GFT (Groenen Fruit en Tuinafval), p+md (plasticverpakkingen, metalen verpakkingen en drankkartons)

 

Afdeling 2 – INZAMELING

 

Artikel 16:

§ 1 Het huisvuil wordt, behoudens feestdagen en op de plaatsen waar de fractie door middel van een permanente ondergrondse installatie wordt ingezameld, wekelijks huis-aan-huis opgehaald langs de voor de ophaalploegen toegankelijke straten, wegen en pleinen, en op de door de intercommunale bepaalde dagen.

 

§ 2 Het huisvuil mag niet worden meegegeven met het grof restafval of een inzameling andere dan deze van het huisvuil.

 

§ 3 Het is verboden voor de verwijdering van het huisvuil gebruik te maken van het recyclagepark.

 

Afdeling 3 - WIJZE VAN AANBIEDING

 

Artikel 17:

§ 1 Op de plaatsen waar de fractie huis-aan-huis wordt ingezameld, dient het huisvuil gescheiden aangeboden te worden in de verplichte 22,5 of 45 liter afvalzak, verkocht door de intercommunale via door de intercommunale aangenomen verdelers en met opschrift “Interza”.

De afvalzak dient zorgvuldig gesloten te worden en mag noch scheuren, barsten of lekken vertonen. Op de plaatsen waar de fractie door middel van een permanente ondergrondse installatie wordt ingezameld, is de afvalzak vrij te kiezen door de aanbieder.

 

§ 2 Het gewicht van de aangeboden afvalzak mag niet groter zijn dan 15 kg.

 

§ 3 Het huisvuil dient aangeboden te worden in een toestand die geen risico inhoudt voor de veiligheid en/of gezondheid van de ophaler. Scherpe voorwerpen dienen zodanig verpakt te worden dat ze geen gevaar kunnen opleveren voor de ophalers van het huisvuil.

 

§ 4 Om het openscheuren van de restafvalzakken door dieren en de verspreiden van het afval te voorkomen moeten op het grondgebied van de gemeente restafvalzakken wordt aangeboden in een harde vuilnisbak met deksel.

De harde vuilnisbak moet voorzien zijn van een Interza-sticker (gratis verkrijgbaar bij Interza via info@interza.be, op het recyclagepark en het gemeentehuis) en het huisnummer en bus moet op de sticker worden aangeduid.

Om een vlotte verwijdering van de restafvalzak mogelijk te maken moet de vorm van de harde vuilnisbak ronde en trechtervormig zijn, met een afmeting van +/- 50 cm hoog en met een inhoud van +/- -80 liter. De harde vuilnisbak wordt zodanig neergezet dat deze vlot toegankelijk is voor de afvalophalers, de doorgang niet belemmert en geen gevaar vormt voor auto, fietsers, voetgangers en zeker in het bijzonder voor personen met beperkte mobiliteit.

 

Hoofdstuk III - INZAMELING VAN GROF RESTAFVAL

 

Afdeling 1 – DEFINITIE

 

Artikel 18:

Voor de toepassing van deze verordening wordt onder grof restafval verstaan: alle afvalstoffen, ontstaan door de normale werking van een particuliere huishouding die omwille van de omvang, de aard en/of het gewicht niet in de recipiënt voor de ophaling van het huisvuil kunnen geborgen worden, met uitzondering van papier en karton, textiel, glas, klein gevaarlijk afval, tuinafval, plasticverpakkingen, metalen verpakkingen en drankkartons, elektrische en elektronische toestellen, bouw- en sloopafval, autobanden en andere auto onderdelen.

 

Afdeling 2 – INZAMELING

 

Artikel 19:

§ 1 Het grof restafval wordt door de intercommunale op aanvraag en tegen betaling huis-aan-huis opgehaald langs de straten, wegen en pleinen waar de ophaling is ingericht.

Het grof restafval wordt ook ingezameld op het recyclagepark. Het herbruikbaar grof restafval kan worden aangeboden in het kringloopcentrum waarmee de gemeente een overeenkomst heeft afgesloten.

 

§ 2 Het grof restafval mag niet worden meegegeven met het huisvuil of een inzameling, andere dan deze van het grof restafval .

 

Afdeling 3 - WIJZE VAN AANBIEDING

 

Artikel 20:

§ 1 Het grof restafval moet – indien nodig – stevig samengebonden worden zodat het niet kan uiteenvallen. Het mag niet in zakken, dozen of minicontainers worden aangeboden.

 

§ 2 Het gewicht van één afzonderlijk voorwerp of samengebonden bundel mag niet hoger zijn dan 50 kg. De grootste afmetingen van het aangeboden grof restafval mag nooit meer zijn dan 1,75 meter. Het totale volume is beperkt tot 2 m³ per aanbieding. Het moet gemakkelijk kunnen gehanteerd worden door maximaal 2 personen.

 

§ 3 Alle voorwerpen dienen zodanig aangeboden te worden dat ze geen gevaar kunnen opleveren voor de ophalers van de afvalstoffen.

 

Hoofdstuk IV - SELECTIEVE INZAMELING VAN GLAS

 

Afdeling 1 – DEFINITIE

 

Artikel 21:

Voor de toepassing van dit reglement wordt onder glas verstaan: alle glazen voorwerpen ontdaan van deksels, stoppen en omwikkelingen en zoals omschreven wordt in de scheidingsregels bepaald door de ophaaldienst. Het bevat geen andere afvalstoffen die selectief worden ingezameld: gft, papier & karton, grof restafval , kga, oude metalen en restafval. Komen niet in aanmerking om als glas selectief te worden ingezameld: vlak en plat glas, vuurvaste glazen voorwerpen, gewapend glas, kristal, opaal glas, spiegelglas, autoruiten, plexiglas, gloeilampen, tl-lampen, stenen, tegels, porselein en aardewerk.

 

Afdeling 2 – INZAMELING

 

Artikel 22:

§ 1 Glas wordt, behoudens feestdagen en op de plaatsen waar de fractie door middel van een permanente ondergrondse installatie wordt ingezameld, vierwekelijks huis-aan-huis opgehaald langs de straten, wegen en pleinen waar de ophaling is ingericht, op de door de intercommunale bepaalde dagen.

 

§ 2 Glas mag niet worden meegegeven met het huisvuil, het grof restafval of een selectieve inzameling, andere dan deze van glas.

 

Afdeling 3 - WIJZE VAN AANBIEDING

 

Artikel 23:

§ 1 Het glas dient aangeboden te worden hetzij in een door de intercommunale verkochte blauwe container, hetzij in een stevige houten of plastieken box met rand van minstens 12 cm. Glas wordt bij de aanbieding ontdaan van deksels, stoppen en omwikkelingen. Het dient leeg en voldoende gereinigd te zijn. Het glas mag niet gebroken zijn of scherpe randen vertonen.

 

§ 2 Het gewicht van de minicontainer mag niet groter zijn dan 60 kg. Het gewicht van de gevulde box mag niet hoger zijn dan 20 kg.

 

§ 3 Op de plaatsen waar de fractie door middel van een permanente ondergrondse installatie wordt ingezameld, wordt het onverpakte glas rechtstreeks in de ondergrondse installatie geworpen.

 

Hoofdstuk V - SELECTIEVE INZAMELING VAN PAPIER EN KARTON

 

Afdeling 1 – DEFINITIE

 

Artikel 24:

Voor de toepassing van deze verordening wordt onder papier en karton verstaan: alle dag-, week- en maandbladen, tijdschriften en periodieken, reclamedrukwerk en ander drukwerk, publicaties, schrijfpapier, kopieerpapier, computerpapier, boeken en papieren of kartonnen verpakkingen, ontstaan door de normale werking van een particuliere huishouding, met uitzondering van geolied papier of karton, papier met waslaag, carbonpapier, gelaagd papier, vervuilde papieren en kartonnen verpakkingen, papieren voorwerpen waar kunststof of andere materialen in verwerkt zijn, kaften, broodzakken, kaarten met magneetbanden, behangpapier, cement-, meststof- en sproeistofzakken, e.d.

 

Afdeling 2 – INZAMELING

 

Artikel 25:

§ 1 Papier en karton wordt, behoudens feestdagen en op de plaatsen waar de fractie door middel van een permanente ondergrondse installatie wordt ingezameld, vierwekelijks huis-aan-huis opgehaald langs de straten, wegen en pleinen waar de ophaling is ingericht, op de door de intercommunale bepaalde dagen.

 

§ 2 Papier en karton mag niet worden meegegeven met het huisvuil, het grof restafval of een selectieve inzameling, andere dan deze van papier en karton.

 

Afdeling 3 - WIJZE VAN AANBIEDING

 

Artikel 26:

§ 1 Het papier en karton dient aangeboden te worden hetzij in een door de intercommunale verkochte gele minicontainer, hetzij in een stevige gesloten kartonnen doos, hetzij in balen samengebonden met natuurtouw. Bij regenweer mag, met uitzodering van de minicontainer, het papier en karton pas ‘s ochtends buiten worden geplaatst.

 

§ 2 Het gewicht van de minicontainer mag niet groter zijn dan 60 kg. Het gewicht per baal of doos mag niet hoger zijn dan 20 kg.

 

§ 3 Het deponeren van om het even welke andere afvalstof dan papier en karton in de voor ophaling aangeboden recipiënten of balen is verboden.

 

§ 4 Op de plaatsen waar de fractie door middel van een permanente ondergrondse installatie wordt ingezameld, wordt het onverpakte en niet-samengebonden papier en karton rechtstreeks in de ondergrondse installatie geworpen.

 

Hoofdstuk VI - INZAMELING VAN ASBESTHOUDEND GOLFPLATEN

 

Afdeling 1 – DEFINITIE

 

Artikel 27:

Voor de toepassing van deze verordening wordt onder de inzameling van asbesthoudend golfplaten verstaan, de platen die particulieren verkrijgen door kleine werkzaamheden aan woning, uitbreidingen en bijgebouwen.

 

Afdeling 2 – INZAMELING

 

Artikel 28:

De asbesthoudende golfplaten kunnen tegen betaling via de door de intercommunale aangeboden platenzak worden opgehaald. De platenzak is geschikt voor een maximale oppervlak van 50 m2.

 

Afdeling 3 - WIJZE VAN AANBIEDING

 

Artikel 29:

Bij de verplicht te gebruiken platenzak, die aangeboden wordt door de intercommunale, zit een veilig asbestpak, handschoenen, stofmasker en een infobrochure rond veilig omgaan met asbest.

 

 

Hoofdstuk VII - SELECTIEVE INZAMELING VAN GFT-AFVAL EN KERSTBOMEN

 

Afdeling 1 – DEFINITIE

 

Artikel 30:

§ 1 Voor de toepassing van deze verordening wordt onder groente- en fruitafval verstaan: aardappelschillen, schillen van citrus- of andere vruchten, groente- en fruitresten, eierschalen, doppen van noten, theebladeren en theezakjes, koffiedik en papieren koffiefilters, papier van de keukenrol, kleine hoeveelheden etensresten, ontstaan door de normale werking van een particuliere huishouding. Het tuinafval omvat versnipperd snoeihout, haagscheersel, gazonmaaisel, bladeren, onkruid, resten van groente- en siertuin, verwelkte snijbloemen en kamerplanten, zaagmeel, schaafkrullen en mest van kleine huisdieren, ontstaan door de normale werking van een particuliere huishouding. Het groente-, fruit- en tuinafval wordt hierna gft-afval genoemd.

 

§ 2 Andere afvalstoffen zoals bijvoorbeeld timmerhout, grof ongesnipperd snoeihout, beenderen en dierlijk afval, wegwerpluiers, aarde, zand, saus, olie, vet, stof uit stofzuiger, as van open haard, houtskool, kunststof, ijzer, metaal, blik, kattenbakvulling, e.d. worden niet als gft-afval beschouwd

 

§ 3 Voor de toepassing van deze verordening wordt onder kerstboom verstaan: een natuurlijke naaldboom met maximale stamhoogte van 2,50 meter die in een beperkte periode van een aantal weken vóór en na Kerstmis in private of openbare gebouwen of in de openbare ruimte wordt opgesteld.

 

§ 4 Het gft-afval afkomstig van woongelegenheden gelegen op de plaatsen waar de fractie gewoon huisvuil door middel van een permanente ondergrondse installatie wordt ingezameld, wordt beschouwd als gewoon huisvuil en dient als dusdanig te worden aangeboden en ingezameld. In al de andere gevallen dient GFT afzonderlijk te worden aangebonden gescheiden van de restafvalfractie of andere fracties.

 

Afdeling 2 – inzameling

 

Artikel 31:

§ 1 Het gft-afval wordt behoudens feestdagen en op de plaatsen waar de fractie door middel van een permanente ondergrondse installatie wordt ingezameld, minstens tweewekelijks huis-aan-huis opgehaald langs de straten, wegen en pleinen waar de ophaling is ingericht, op de door intercommunale bepaalde dagen.

 

§ 2 Verontreinigd gft-afval wordt niet aanvaard bij de selectieve inzameling.

 

§ 3 Kerstbomen worden jaarlijks in de loop van januari huis-aan-huis opgehaald langs de straten, wegen en pleinen waar de ophaling is ingericht, op de door de intercommunale bepaalde dagen.

 

Afdeling 3 - WIJZE VAN AANBIEDING

 

Artikel 32:

§ 1 Het gft-afval dient gescheiden aangeboden te worden in de door de intercommunale in bruikleen gegeven of verkochte grijze containers met Interza opschrift.

 

§ 2 Het gewicht van de recipiënt mag niet groter zijn dan 60 kg.

 

§ 3 De kerstbomen worden los aangeboden, ontdaan van alle versieringen en hulpstukken.

 

Afdeling 4 - GEBRUIK VAN DE GFT-CONTAINER

 

Artikel 33:

De eerste gft-container per huisgezin kan bij de intercommunale tegen ontvangstbewijs worden afgehaald. Deze gft-container blijft eigendom van de intercommunale en wordt slechts voor gebruik aan de inwoners ter beschikking gesteld voor de duur van de ophaling van het gft-afval. Een tweede en verdere gft-containers per huisgezin dienen bij de intercommunale tegen kostprijs te worden aangekocht.

§ 1 De inwoners zijn persoonlijk verantwoordelijk voor het deugdelijke gebruik en onderhoud van de gft-container. Onder deugdelijk gebruik wordt begrepen dat de gft-container uitsluitend mag aangewend worden voor de opslag van gft-afval.

 

§ 2 In geval van schade, diefstal of verlies dient de inwoner de intercommunale hiervan onverwijld in kennis te stellen met het oog op de herstelling of de vervanging door een nieuwe gft-container. De kosten van herstelling of vervanging kunnen verhaald worden op de inwoner, in geval van oneigenlijk gebruik.

 

Artikel 34:

De gft-container dient verbonden te blijven aan het adres waar hij is geleverd. In geval van verhuizing is het de inwoner niet toegestaan om de gft-container mee te nemen naar zijn nieuwe adres.

 

Artikel 35:

Inwoners die ten gevolge van een verhuizing binnen of naar de gemeente geen beschikking hebben over een gft-container kunnen bij de intercommunale een gft container bekomen.

 

Hoofdstuk VIII - SELECTIEVE INZAMELING VAN PLASTIC-VERPAKKINGEN, METALEN VERPAKKINGEN EN DRANKKARTONS  (p+md)

 

Afdeling 1 – DEFINITIE

 

Artikel 36:

§ 1 Voor de toepassing van deze verordening wordt onder p+md-afval verstaan het afval ontstaan door de normale werking van een particuliere huishouding en bestaande uit:

- Plastiek verpakkingen (flessen, flacons, potjes, schaaltjes, zakjes, ...)

- Metalen verpakkingen (spuitbussen van voedingsmiddelen en cosmetica, aluminium schaaltjes en bakjes, metalen deksels en doppen)

- Drinkverpakkingen met uitzondering van papieren en kartonnen verpakkingen en glasverpakkingen

 

§ 2 Het aangeboden p+md-afval mag geen kga, glas, etensresten of andere afvalstoffen bevatten.

 

Afdeling 2 – INZAMELING

 

Artikel 37:

§ 1 Het p+md-afval wordt behoudens feestdagen en op de plaatsen waar de fractie door middel van een permanente ondergrondse installatie wordt ingezameld, tweewekelijks huis-aan-huis opgehaald langs de straten, wegen en pleinen waar de ophaling is ingericht, op de door de intercommunale bepaalde dagen.

Het p+md-afval wordt ook ingezameld op het recyclagepark.

 

§ 2 P+md-afval mag niet worden meegegeven met een andere selectieve afvalinzamelingen of de grofvuilinzameling.

 

§ 3 Verontreinigde p+md-afval worden niet aanvaard.

 

Afdeling 3 - WIJZE VAN AANBIEDING

 

Artikel 38:

§ 1 Op de plaatsen waar de fractie huis-aan-huis wordt ingezameld, dient het p+md-afval aangeboden te worden in een daartoe bestemde blauwe kunststof vuilniszak, verkocht door de intercommunale via door de intercommunale aangenomen verdelers, met opschrift “Interza”. Op de plaatsen waar de fractie door middel van een permanente ondergrondse installatie wordt ingezameld, is een recipiënt niet verplicht.

 

§ 2 De verschillende fracties van het p+md-afval mogen gemengd in de voorgeschreven recipiënt worden aangeboden.

 

§ 3 Het gewicht van één recipiënt mag niet groter zijn dan 8 kg en dient gesloten aangeboden te worden.

 

Hoofdstuk IX - SELECTIEVE INZAMELING VAN TEXTIEL EN HERBRUIKBARE GOEDEREN

 

Afdeling 1 – DEFINITIE

 

Artikel 39:

Voor de toepassing van deze verordening wordt onder herbruikbare goederen verstaan: alle door de normale werking van een particuliere huishouding ontstane afvalstoffen die via het kringloopcentrum geschikt kunnen gemaakt worden voor hergebruik, zoals meubelen, kleding, kleine huisraad, boeken en platen, speelgoed, e.d.

Voor de toepassing van deze verordening wordt onder huishoudelijk textielafval verstaan: alle niet-verontreinigde kledij (textiel en lederwaren), schoeisel, handtassen, beddengoed, woningtextiel (gordijnen, overgordijnen, tafelkleden, servetten, …), lompen, e.d., die ontstaan door de normale werking van een particuliere huishouding.

 

Afdeling 2 – INZAMELING

 

Artikel 40:

§ 1 Het textiel wordt ingezameld op het recyclagepark in de textielcontainers die verspreid staan opgesteld in de gemeente en wordt eveneens huis-aan-huis ingezameld langs de straten, wegen en pleinen waar de ophaling is ingericht, op de door de intercommunale bepaalde dagen. Alleen de organisaties die toelating hebben van het college van burgemeester en schepenen en vermeld zijn op de door de OVAM gepubliceerde lijst van “erkende textielinzamelaars” zijn gemachtigd textielcontainers te plaatsen. Alleen de organisaties die toelating hebben van de intercommunale en vermeld zijn op de door de OVAM gepubliceerde lijst van “erkende textielinzamelaars” zijn gemachtigd een huis aan-huisinzameling te organiseren.

 

§ 2 Het textiel mag niet worden meegegeven met het huisvuil, het grof restafval of een selectieve inzameling, andere dan deze van het textiel.

 

§ 3 Voor de inzameling van herbruikbare goederen wordt een beroep gedaan op het door de OVAM erkend kringloopcentrum, werkzaam op het grondgebied van de gemeente. Deze inzameling kan gebeuren op afroep. Het telefoonnummer van het kringloopcentrum is terug te vinden via het intercommunale informatieblad en via de intercommunale diensten.

 

§ 4 Herbruikbare goederen mogen niet worden meegegeven met het huisvuil, het grof restafval of een andere selectieve inzameling, andere dan deze van herbruikbare goederen.

 

§ 5 Het staat het kringloopcentrum vrij om aangeboden herbruikbare goederen te weigeren indien deze niet dienstig zijn voor het kringloopcentrum. In dit geval mogen de door het kringloopcentrum geweigerde herbruikbare goederen meegegeven worden met het huisvuil of het grof restafval .

 

Afdeling 3 – wijze van aanbieding

 

Artikel 41:

§ 1 Alle voorwerpen moeten zodanig aangeboden worden dat ze geen gevaar opleveren voor de ophalers van de afvalstoffen.

 

§ 2 Het huishoudelijk textielafval moet aangeboden worden in een zak of doos met opschrift “TEXTIEL” of “TEXTILE”.

 

§ 3 Het gewicht van één recipiënt mag niet groter zijn dan 20 kg en dient gesloten aangeboden te worden.

 

Hoofdstuk X – SLOTBEPALINGEN

 

Artikel 42:

De gemeenteraadsbeslissing van 26 mei 2020 betreffende “ Politiereglement – ophaling huishoudelijk afval” wordt opgeheven.

 

Artikel 43:

De inbreuken op deze verordening worden gestraft met politiestraffen, voor zover wetten, decreten, algemene of provinciale verordeningen of het Algemeen Politiereglement van de gemeente, op dit vlak geen andere straffen voorzien.

 

Artikel 44:

Deze verordening zal worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet lokaal bestuur en de wet van 24 juni 2013

 

Artikel 45:

Een eensluidend afschrift van deze verordening zal worden overgemaakt aan de heer gouverneur ter kennisgeving aan de Deputatie en conform artikel 119 van de Nieuwe Gemeentewet aan de griffie van de rechtbank van eerste aanleg en aan de griffie van de politierechtbank. Ter kennisgeving zal eveneens een afschrift worden toegezonden aan de OVAM en de Milieu-inspectie.

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Mobiliteit - Parkeerbeleid

 

Het punt wordt verdaagd naar een volgende zitting.

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Reglement waarborg

 

Besluit

 

Enig artikel:

Het gemeenteraad beslist het reglement waarborg voor het bouwen van nieuwe woningen en belangrijke verbouwingswerken aan bestaande woningen en gebouwen op privaateigendom - verplichte aanleg van en/of herstellen trottoir voor teruggave waarborg, goed te keuren.

 

Artikel 1:

Voorafgaandelijk het bouwen van een nieuwe woning of gebouw, afbraak van een woning of gebouw, het verbouwen van een bestaande woning of gebouw waarvoor door de gemeente, de bestendige deputatie van de provincie of het Vlaams gewest een omgevingsvergunning werd afgeleverd, of wanneer men belangrijke grond- of terreinaanlegwerken uitvoert op een kadastraal perceel dat grenst aan de openbare weg wordt aan de opdrachtgever(s) of zij die gevolmachtigd zijn in naam van de opdrachtgever(s), voor de aanvang van de werkzaamheden en handelingen gevraagd een waarborg te betalen van 700 euro.

 

De waarborg wordt gevraagd voor omgevingsvergunningen met stedenbouwkundige handelingen.

 

Deze waarborgsom zal vermeerderd worden naargelang het aantal woningen of gebouwen dat gebouwd of verbouwd worden.

Voor appartementsgebouwen zal er rekening gehouden worden met het aantal entiteiten/eenheden. Met entiteiten/eenheden wordt verstaan het deel van een groep appartementen dat verticaal afgesplitst kan worden.

Per entiteit of eenheid zal een waarborgsom betaald worden van 700 euro.

De waarborgsom bedraagt in dit geval maximum 4200 euro.

 

Als het om een hoekperceel gaat dan wordt naargelang het aantal openbare wegen die aan dit perceel grenzen, per openbare weg een waarborgsom van 700 euro gevraagd. De totale waarborgsom bedraagt maximaal 4200 euro.

 

Artikel 2:

Voor de percelen die palen aan het openbaar domein en waar tot vandaag geen voetpad bestaat of wanneer dit voetpad in zodanige slechte bouwfysische toestand verkeert dat de openbare veiligheid van de zwakke weggebruikers in het gedrang komt en dat de heraanleg noodzakelijk is zal de opdrachtgever(s) of gevolmachtigde(n) verplicht worden op zijn kosten over de volledige gevelbreedte van het perceel dat grenst aan het openbaar domein, ongeacht het aantal straten dat erop uitgeeft, een nieuw voetpad aanleggen.

 

Artikel 3:

De opdrachtgever is verplicht om vóór de aanvang van de werken een plaatsbeschrijving van het openbaar domein (weg, groen, signalisatie, voetpad, fietspad, nutsvoorzieningen, openbare verlichting, ...) ter hoogte van de bouwplaats te laten opstellen door een beëdigd landmeter, de architect, de aannemer of deze zelf op te maken en deze te bezorgen aan de dienst omgeving, bij voorkeur digitaal.

De voormelde plaatsbeschrijving dient voorafgaand aan de start van de werken te worden goedgekeurd door de dienst omgeving.

 

De plaatsbeschrijving is een verslag van de toestand van de openbare wegenis waarin de reeds aanwezig schade fotografisch vastgelegd en beschreven worden. De fotoreportage bestaat uit genummerde foto's vanuit verschillende kijkrichtingen. De plaats van de genomen foto's wordt met hun nummer aangeduid op een bij te voegen inplantingsplan. Aan de hand van dit verslag wordt later nagegaan of bepaalde schade al bestond voor aanvang van de werken.

 

Indien er geen plaatsbeschrijving wordt ingediend, wordt er geacht dat het openbaar domein zonder schade is voor aanvang van de werken.

 

Artikel 4:

De opdrachtgever is verplicht de waarborgsom in bewaring te geven bij de financieel directeur of zijn afgevaardigde voor aanvang van de werken met vermelding van de referentie.

 

Artikel 5:

De opdrachtgever moet na het beëindigen van de bouwwerken de waarborgsom terugvragen.

 

De volledige waarborgsom zal na ondertekening van het proces-verbaal na voltooiing der werken en nadat door de dienst omgeving is vastgesteld dat de werken conform de omgevingsvergunning werden uitgevoerd en dat in voorkomend geval hetzij een nieuw voetpad werd aangelegd of hetzij dat het bestaand voetpad, boordstenen, greppels, rijweg of andere installaties of aanhorigheden van de openbare weg conform de vigerende regelgeving werden hersteld, door de financieel directeur vrijgegeven worden.

 

Indien dit niet het geval is, wordt de waarborgsom verminderd met de door het bestuur gemaakte herstelkosten. Indien de waarborgsom niet zou volstaan om de herstelkosten te dekken, wordt een bijkomende vordering aan de opdrachtgever overgemaakt.

 

Artikel 6:

Dit reglement gaat in voor een termijn van 5 jaar met ingang van 1 januari 2023 tot en met 31 december 2027.

 

Artikel 7:

Dit reglement zal worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 285 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur.

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Motie - Geluidsoverlast van vliegtuigen

 

Besluit

 

Artikel 1:

De raad verzoekt de federale regering:

  1. De overlast ten gevolge van het overvliegen vanuit de lucht op het grondgebied van de gemeenten gelegen ten oosten van het Brussels Gewest en meer bepaald op het grondgebied van Kraainem door het ongelegen gebruik van baan 01 aanzienlijk te verminderen;
  2.  De rechterlijke beslissing van het Hof van Beroep van Brussel van 22 oktober 2020 onverwijld toe te passen;

De windnormen te verduidelijken en het gebruik van niet-preferentiële banen op Brussels Airport, structureel te verminderen (enkel toe te staan wanneer de weersomstandigheden dit om veiligheidsredenen vereisen), om de omwonenden die onder de aanvliegroutes naar banen 01 en 07 wonen te ontlasten;

  1. Het gebruik van baan 01 alleen door noorden- of noordoostenwind te beperken en het begrip windstoot te definiëren zoals voorzien door de ICAO en de gemiddelde snelheid vast te stellen op 7 knopen, reeds aangekondigd door de zeer gedetailleerde instructie van 17 juli 2013 ;
  2. Een neutraal en onafhankelijk controleorgaan te creëren dat alle geconstateerde overtredingen vervolgt en bestraft;
  3. Brussels Airport te specialiseren als stedelijke luchthaven, synergieën te ontwikkelen met andere luchthavens in het land en zo een betere verdeling van het luchtverkeer te organiseren;
  4. Een kaart of een geluidskadaster te maken voor buurten en gemeenten om een duidelijk en objectief beeld te krijgen van de plaatsen die het meest worden overgevlogen en dus worden beïnvloed door geluidsoverlast door overvliegen;
  5. Een einde te maken aan de belastingvrijstelling voor kerosine en deze belasting te gebruiken als één van de hefbomen om te zorgen voor een beter prijsevenwicht tussen het luchtaanbod en het spooraanbod, met het oog op een effectievere bestrijding van de opwarming van de aarde.

Gezien de huidige energiecrisis en om geen enkele lidstaat van de Europese Unie te benadelen, wordt verzocht om de beëindiging van deze belastingvrijstelling voor kerosine op een billijke manier tussen alle lidstaten van de Europese Unie te regelen, en op een zodanige manier dat het de koopkracht van reizigers niet beïnvloedt;

  1. Het onderwerp van de beperking van de uitbating van de luchthaven Brussel-Nationaal te bestuderen, zonder taboe en met alle mobiliteitsactoren;
  2. Het verbieden van "hop-on-hop-off"-vluchten waarvoor doorgaans een effectief alternatief met de trein bestaat (Brussel-Parijs, Brussel-Amsterdam, enz.);
  3. Massaal te investeren in de ontwikkeling van het spoorvervoer op Europees niveau, met inbegrip van nachttrein- en TGV-vrachtnetwerken;

 

Artikel 2:

De raad verzoekt de federale regering om onmiddellijk de maatregelen uit te voeren waarover een consensus bestaat tussen de bewonersorganisaties, te weten :

  1. Invoering van de luchtnacht van 22 uur tot 7 uur waarin geen luchtbeweging kan plaatsvinden van en naar Brussels Airport;
  2. Vaststelling van de jaarlijkse limiet van de luchthaven op een maximum van 220.000 bewegingen en zich te verzetten tegen elke verhoging ervan;
  3. Verbieden of beperken tot Brussels Airport van bepaalde categorieën vliegtuigen waarvan de geluidsemissie bepaalde drempels overschrijdt vanwege hun model of hun veroudering (beperking van detonnage MTOW (136 ton) van vliegtuigen en vermindering van de individuele geluidsniveaus,in het bijzonder).

 

 

 

Artikel 3:

De raad verzoekt de regering van het Vlaams Gewest:

  1. De mogelijkheid te bestuderen om de geluidsnormen in overeenstemming te brengen met de nieuwe WHO-richtlijnen voor de luchtvaart en van het principe van de terugkerende geluidshinder;
  2. De huidige stand op te stellen van de toezegging om het netwerk van geluidsniveaumeters uit te breiden tot alle vliegroutes in de regio en een geluidskadaster op te stellen;
  3. Verslag uit te brengen over het resultaat van haar toezegging om na te gaan of het wenselijk is een systeem in te voeren voor de rechtstreekse inning van boetes voor milieuovertredingen, teneinde enerzijds het beheer en de verwerking ervan te vergemakkelijken en anderzijds de
  4. doeltreffendheid ervan te vergroten door middel van een snellere afhandeling;
  5. Een epidemiologische studie uit te voeren om op wetenschappelijke wijze de reële impact van overvluchten op de gezondheid van de inwoners te analyseren;
  6. Een compensatiefonds op te richten om de overvlogen gebouwen van geluidsisolatie te voorzien.

 

Artikel 4:

De raad besluit een beslissing over te maken aan:

- Federale Eerste Minister

- Federaal Minister van Mobiliteit

- Gewestelijk Minister van Mobiliteit

- Federaal Minister van Leefmilieu

- Regionaal Minister van Milieu

- Directeur van de Federale Ombudsdienst voor de Luchthaven Brussel-Nationaal

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Haviland - Wijk-Wijkwerkers - Verslag 9 sept 2022

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Bulletin der schriftelijke vragen

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Mondelinge vragen vorige zitting

Publicatiedatum: 30/09/2022
Overzicht punten

Mondelinge vragen

Publicatiedatum: 30/09/2022